Trucs met balletje

Klassikaal Nee Leerlijn Jongleren

Media

Over de opdracht

Opdracht

  • De leerling gooit de bal vijf keer omhoog en vangt de bal weer op.

Regels

  • Elke beurt bestaat uit vijf worpen en de bal wordt iedere keer omhoog gegooid. Het vangen is in iedere beurt anders.
  • Eerste beurt: vang de bal op in twee handen.
  • Tweede beurt: vang de bal op in één hand.
  • Derde beurt: vang de bal in de andere hand.
  • Vierde beurt: laat de bal ’dood’ op de rug van de hand vallen.
  • Vijfde beurt: vang de bal boven op de vuist.
  • Na een beurt van vijf worpen wisselen met de wachter.

Zaalindeling

Klaarzetten en zaalindeling

  • 1 jongleerbal;
  • 1 mat als werkplek;
  • Twee leerlingen: één speler en één wachter;
  • De opdrachten geschreven op de mat.

Extra

  • Andere jongleerobjecten als een pittenzak, een (foam)tennisbal, een kooshbal, shuttle of pingpongbal;
  • Een verzameldoos voor de ballen.

Tips

Wat zie je? Wat doe je

Loopt 't

Het wachten duurt te lang. Geef beide spelers een eigen bal.

Lukt 't

De bal wordt niet gevangen. Gooi de bal minder hoog.
Probeer het met een pittenzak. Dit is makkelijker.
De volgende truc mislukt vaak. Oefen de vorige serie tien keer en probeer daarna de moeilijke serie nogmaals.

Leert 't

De bal wordt goed gevangen. Gooi de bal wat hoger op.
Gooi en vang met de andere hand.
Probeer andere ballen uit.
Laat het kind in een hoepel staan, waar het niet uit mag stappen om de bal te vangen.

Leeft 't

De uitdaging verdwijnt. Ga op één been staan en voer dan de oefening uit.
Maak een voorstelling met een medespeler.
Verzin zelf een nieuwe truc en laat die zien.

Later

Maak het moeilijker. Werk met twee ballen tegelijk.
Gooi de bal op een speciale manier over naar de ander en probeer ook op een speciale manier te vangen.